Teruglezen en ordenen

teruglezen

Je eerste versie staat op papier. Gefeliciteerd! Dit was vast niet de gemakkelijkste stap, maar je hebt alle hindernissen overwonnen!
Nu komt de volgende ronde; het teruglezen. Eigenlijk is dit de eerste stap in het redigeren. In deze fase lees je namelijk je verhaal als kritische lezer en noteer je wat je opvalt. Je let op het verhaallijn, je zet overal vraagtekens bij en je denkt na over hoe een scène nog beter kan.
Hoe je dat doet, dat vertel ik je in dit blog!

Lees hardop

Het lijkt misschien raar, maar als je je verhaal hardop leest hoor je sneller waar de tekst niet lekker loopt. Probeer het maar eens. Ook kun je op deze manier beter de klemtoon leggen op waar je wilt dat de lezer op gefocust is.
Kijk maar eens naar de volgende tekst:

Hij stapte haastig de trein uit. Hij keek naar links en toen naar rechts. Hij keek op zijn horloge. Het was tijd.

Als je dit hardop leest, hoor je dat dit niet lekker loopt. Dit komt omdat de eerste drie zinnen beginnen met het woord ‘hij’. Je wilt het begin van elke zin zoveel mogelijk afwisselen. Ook wil je proberen de lengte van de zinnen af te wisselen. Deze zinnen zijn allemaal bijna even lang. Ook dat klinkt niet lekker als je het aan het voorlezen bent.
Door wat te spelen met de zinnen, kun je al iets beters creëren:

Haastig stapte hij de trein uit en keek van links naar rechts. Hij keek naar zijn horloge; het was tijd.

Dat loopt al een stuk lekkerder niet waar? De zinnen zijn samengevoegd en ook is er slim gebruik gemaakt van een puntkomma (;).

Een puntkomma houdt het midden tussen een punt en een komma. Net als de punt sluit de puntkomma een zin af, maar tegelijkertijd maakt hij duidelijk dat er een directe band is met de volgende zin.

Woorden die iets zeggen over de actie die je personage neemt of over hoe hij zich voelt, kun je bijna altijd vooraan de zin plaatsen.

Hij keek angstig om zich heen –> Angstig keek hij om zich heen.
Zij liep snel over straat –> Snel liep zij over straat.

Show, don’t (just) tell

Let op zinnen zijn die vallen onder de Tell van Show don’t tell. Nu is dat niet per direct fout, maar je wilt er wel op letten dat je dit niet te vaak doet. Met kleine acties zoals het haastig uit de trein stappen, daar is niets mis mee als je dit vertelt. Daar hoef je als schrijver niet de nadruk op te gaan leggen. Uiteindelijk is dat niet zo spannend.

Woorden die vaak de Tell aanduiden in Show don’t tell zijn bijvoorbeeld: besluiten, voelen, horen, weten, mijmeren, realiseren, lijken, denken, (zich) afvragen. Gebruik je deze woorden, bepaal dan of je de betreffende scène wilt vertellen of je lezer die scène wilt laten ervaren.

Als je een scène hebt waar het belangrijk is dat  je lezer wordt meegenomen in wat je personage doormaakt, ga dan laten zien, in plaats van te vertellen.
Ik geef je een voorbeeld.

Tell:
Angstig keek hij om zich heen.

Je kunt je voorstellen dat met één zinnetje je lezer niet meteen het gevoel van dit personage zal delen.
Door dan meer hierop in te gaan, aan te geven wat er door je personage heen gaat, betrek je de lezer ook meer in dat gevoel.

Show:
Zijn ogen schoten van links naar rechts. Er ontstond een brok in zijn keel, die hij probeerde weg te slikken. Het lukte niet. Zijn adem haperde. Het zweet brak ‘m uit.

De angst die je personage beleeft is nu goed voelbaar. Je lezer zal zich meer kunnen verplaatsen in wat hij doormaakt en dezelfde spanning voelen als jouw personage. Missie geslaagd!

Maak een synopsis

Zeker als je een serie aan het schrijven bent, is dit een tip die je wilt gaan toepassen. Schrijf in het kort op wat er wanneer gebeurt. Gebruik je woorden die de tijd aanduiden, neem dit dan ook op je in synopsis. Denk bijvoorbeeld aan het benoemen van specifieke dagen of seizoenen, of iets wat in de tijd ligt zoals de volgende zinnen:

Volgende week zou ik naar mams gaan.
Twee dagen geleden lag ik nog op het strand.
Het was bijna kerst.

Om consequent te zijn in je verhaal zul je je synopsis moeten controleren of dit klopt. Gaat het ik-personage inderdaad naar haar moeder toe? Lag het ik-personage inderdaad kort geleden nog op het strand? Is het voelbaar en te zien in het verhaal dat kerst voor de deur ligt?
Door een overzicht te hebben van je gehele verhaal, inclusief de tijdlijn waarin dit gebeurt, kun je de betreffende scènes veel sneller terugzoeken als je besluit hier het een of ander aan te willen veranderen.
Geloof mij; dit is belangrijk. Veel schrijvers zullen hun verhaal niet op één dag van begin tot het eind kunnen teruglezen en dan is het fijn om een synopsis te hebben zodat je even kunt terugblikken wat er ook alweer is gebeurd.
Ook kun je, zodra je de synopsis klaar hebt, veel beter (en sneller) bepalen of alles in de juiste volgorde staat.

Opvallende scènes

Tijdens het teruglezen zul je zeker scènes tegenkomen die vragen bij je oproepen. ‘Wat bedoelde ik hier nu mee?’ Schrijf deze scènes op (met paginanummers) zodat je ze snel kunt terugvinden. Maak notities over die scènes; wat mist er? Kijk goed naar de scène; wat wil je hier zeggen? Is er iets dat je wilt veranderen?
Zijn het kleine aanpassingen, doe dat dan gerust gelijk. Maar laat de scène wel tussen je notities staan. Het kan zijn dat je er later toch nog even op terug gaat komen.
Let er ook op of alle scènes goed in elkaar over gaan. Er zullen scènes tussen zitten waarbij het voelt dat je van de hak op de tak gaat. Dat is niet erg (en een prima plek om tussen die twee scènes een nieuw hoofdstuk te plaatsen!).

Aan het eind van je verhaal lees je je synopsis nog eens terug. Hou deze naast je plot die je vooraf aan het schrijven hebt opgesteld.
Heb je alles verteld wat je wilde vertellen? Waar kun je misschien nog wat toevoegen? En welk deel blijkt nu minder interessant te zijn of niet meer noodzakelijk voor het verhaal? Kijk waar je wilt toevoegen en waar je wilt schrappen en schrijf je bevindingen op wat jij denkt dat dit verhaal nog nodig heeft.
Zodra je deze stap hebt gedaan ben je klaar voor de volgende stap: het herschrijven! Daarover volgende week meer!

One thought on “Teruglezen en ordenen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *